Israëlische kolonisten hebben recentelijk veiligheidstroepen aangevallen op de Westelijke Jordaanoever, waarbij voertuigen en militaire faciliteiten werden vernield. De aanvallen vonden plaats nadat de soldaten probeerden te voorkomen dat kolonisten naar het Palestijnse dorp Kafr Malek zouden verhuizen, waar eerder drie Palestijnen door kolonisten waren gedood. Na de arrestatie van zes Israëlische burgers verzamelden de kolonisten zich opnieuw en vielen ze veiligheidstroepen aan met chemicaliën en vernielden ze militaire voertuigen.
Het Israëlische leger, de politie en grenswachters intervenieerden om de menigte te ontbinden en een gewonde Israëlische burger te helpen. De minister van Buitenlandse Zaken veroordeelde het geweld en beloofde streng op te treden tegen de daders. Minister van Financiën veroordeelde ook het geweld en riep op tot gerechtigheid voor de verantwoordelijken. Verschillende mensenrechtenorganisaties hebben het toegenomen geweld op de Westelijke Jordaanoever veroordeeld en hebben gewezen op de straffeloosheid van de daders.
De escalatie van geweld in het Palestijnse grondgebied begon na het begin van de Gaza-oorlog, die werd veroorzaakt door een aanval van Hamas tegen Israël. Op de Westelijke Jordaanoever wonen ongeveer drie miljoen Palestijnen naast een half miljoen Israëliërs die in nederzettingen wonen die internationaal als illegaal worden beschouwd. De situatie blijft gespannen en de internationale gemeenschap blijft oproepen tot een vreedzame oplossing voor het conflict.





























































