Het Hooggerechtshof heeft onlangs geoordeeld dat de ‘noodtarieven’ die door Donald Trump werden opgelegd illegaal waren. Dit bracht echter een nieuwe vraag naar voren: hoe zal tot wel 170 miljard dollar aan importtarieven worden terugbetaald aan de importeurs en wat zijn de plannen van Trump?
Het makkelijke gedeelte van de juridische strijd is voorbij, nu begint het moeilijke deel. Meer dan 300.000 bedrijven die accijnzen betaalden, zullen nu een schadevergoeding eisen, die volgens berekeningen van Bloomberg kan oplopen van 133 miljard naar 170 miljard dollar. Deze bedrijven bereiden zich voor op een lange juridische strijd om hun geld terug te krijgen.
Het Hooggerechtshof oordeelde met een stemming van 6-3 dat Trump geen wettelijke bevoegdheid had om verregaande tarieven op te leggen. Echter, de vraag over hoe en wanneer de reeds geïnde bedragen moeten worden teruggegeven, bleef onbeantwoord.
Rechter Brett Kavanaugh waarschuwde voor mogelijke ‘chaos’ en ‘miljarden dollars aan terugbetalingen’ die aanzienlijke gevolgen zouden hebben voor het Amerikaanse ministerie van Financiën. De zaak wordt nu terugverwezen naar het Hof van Internationale Handel, waar al meer dan 1.500 bedrijven zich hebben aangemeld voor mogelijke terugbetalingen.
Onder de bedrijven die juridische stappen ondernemen bevinden zich retailgiganten als Costco en industriële conglomeraten als Alcoa, evenals honderden kleinere bedrijven. Minister van Financiën Scott Besant heeft aangegeven dat het ministerie over voldoende liquiditeit beschikt voor eventuele terugbetalingen, maar dat het proces maanden of zelfs meer dan een jaar kan duren.
Economen schatten echter in dat zelfs als bedrijven restituties ontvangen, het onwaarschijnlijk is dat de prijzen met terugwerkende kracht zullen dalen. De inzet is enorm, zowel fiscaal als institutioneel, en de onzekerheid over de wereldhandel blijft bestaan nu Trump nieuwe tarieven heeft aangekondigd.
Trump lijkt niet bereid zijn belangrijkste instrument van handelsbeleid op te geven en heeft al aangekondigd nieuwe tarieven van 10% in te voeren via een andere rechtsgrondslag. Zijn regering laat de mogelijkheid open om de reikwijdte van mogelijke terugbetalingen te betwisten, wat kan leiden tot nieuwe juridische beroepen en voortdurende onzekerheid voor bedrijven en investeerders.




























































