Een nieuwe trend in de esthetische geneeskunde heeft de aandacht getrokken: het gebruik van vetweefsel van overleden donoren voor borst- en billenvergroting. Deze techniek, gebaseerd op een materiaal genaamd Alloclae, wordt steeds populairder en roept vragen op over ethiek en veiligheid.
De procedure wordt al toegepast in klinieken in de Verenigde Staten, zoals in New York, waar de Alpha Male Plastic Surgery-kliniek actief is. Alloclae wordt verkregen uit vetweefsel van overleden donoren, gesteriliseerd en verwerkt om in het lichaam van patiënten te worden geïnjecteerd. Dit biedt een alternatief voor patiënten die niet genoeg eigen vet hebben of geen liposuctie willen ondergaan.
Plastisch chirurg dr. Douglas Steinbrech beschrijft de procedure als minimaal invasief, zonder algemene anesthesie en zonder hersteltijd. Hij noemt het een “game changer” in de esthetische geneeskunde. De trend begon voornamelijk bij vrouwen voor borst- en bilprocedures, maar er is ook een groeiende interesse van mannen voor spierversterking, zoals de borst, biceps en kuiten.
De toenemende vraag naar deze behandelingen hangt ook samen met nieuwe normen voor het mannelijke uiterlijk, die worden gepromoot door de entertainmentindustrie en online trends zoals “lookmaxxing”. Patiënten die veel gewicht verliezen door medicijnen zoals GLP-1 ervaren vaak verslapte huid en volumeverlies, wat leidt tot een grotere vraag naar reconstructieve chirurgie.
Artsen merken op dat deze ontwikkeling een nieuwe markt creëert voor dergelijke behandelingen. De trend van het gebruik van vetweefsel van overleden donoren voor esthetische ingrepen lijkt dus een blijvende impact te hebben op de esthetische geneeskunde.






























































