Moderne alchemisten bij CERN hebben een doorbraak bereikt door lood in goud te veranderen, wat symbolisch staat voor de geboorte van het heelal. In de Middeleeuwen was het een droom van alchemisten om lood in goud te veranderen, maar met de kennis van nu weten we dat dit niet mogelijk is door chemische processen. Echter, met de geavanceerde technologieën en kennis van de natuurkunde bij CERN, is het mogelijk gebleken om loodatomen om te zetten in goudatomen.
Bij het ALICE-experiment van CERN laten wetenschappers loodatomen met extreme snelheden op elkaar botsen, waardoor de omstandigheden van het heelal na de oerknal worden nagebootst. Tijdens deze botsingen wordt er een kleine hoeveelheid goud geproduceerd, wat een totale hoeveelheid van ongeveer 29 biljoensten van een gram oplevert.
Het proces van het veranderen van lood in goud is echter niet eenvoudig. Protonen in de kern van een atoom kunnen worden verwijderd door een extreem sterk elektrisch veld te creëren. Dit gebeurt door loden kernen op elkaar af te schieten met bijna de snelheid van het licht. Wanneer de kernen dicht bij elkaar passeren, kunnen ze door de elektromagnetische kracht protonen uitstoten en zo goud produceren.
Het ALICE-experiment maakt gebruik van speciale detectoren om de protonen die worden uitgezonden door loodkernen te meten. Op basis van deze metingen schatten wetenschappers dat ongeveer 89.000 goudkernen per seconde werden geproduceerd tijdens de botsingen. Na de transformatie van lood naar goud, botsen de gouden kernen echter al snel tegen de muren van de versneller, wat de intensiteit van de straal vermindert.
Het begrijpen van dit proces van ‘alchemie’ is essentieel voor wetenschappers om experimenten te interpreteren en te plannen voor toekomstige onderzoeken. De prestatie van moderne alchemisten bij CERN om lood in goud te veranderen, markeert een belangrijke mijlpaal in de wetenschap en ons begrip van het heelal na de oerknal.




























































