De mondiale moedersterfte is de afgelopen dertig jaar afgenomen, maar meer dan 100 landen blijven nog steeds achter bij de mondiale doelstelling. Uit onderzoek in 204 landen en regio’s blijkt dat in 2023 240.000 vrouwen stierven door oorzaken die verband hielden met zwangerschap en bevalling. Hoewel de mondiale moedersterfte met ruim een derde is gedaald, van 321 moedersterftecijfers per 100.000 levendgeborenen in 1990 naar 191 in 2023, is de vooruitgang vertraagd in de periode van 2015-2023 vergeleken met 2000-2015.
De moedersterfte blijft geconcentreerd in gebieden met de grootste uitdagingen op het gebied van gezondheidszorg en gegevensverzameling, voornamelijk in Afrika bezuiden de Sahara, Oceanië, Zuid-Azië, Zuidoost-Azië en delen van het Caribisch gebied. In 2023 werden de hoogste moedersterftecijfers geregistreerd in landen zoals Nigeria, India, Democratische Republiek Congo, Ethiopië en Pakistan. Ook zijn er specifieke regio’s waar de moedersterfte nog steeds hoog is, zoals Liberia, Centraal-Afrikaanse Republiek, Haïti, Eritrea en Sierra Leone.
De belangrijkste oorzaken van moedersterfte per regio verschillen, maar obstetrische bloeding en hypertensieve zwangerschapsaandoeningen zijn bekende en grotendeels te voorkomen oorzaken die samen verantwoordelijk zijn voor meer dan 40% van de moedersterfte wereldwijd. Bovendien heeft de COVID-19 pandemie bijgedragen aan een toename van moedersterfte in sommige regio’s in de jaren 2020 en 2021.
Verbeteringen in de toegang tot prenatale zorg, veilige bevallingsdiensten, spoedeisende verloskundige zorg en postnatale zorg zouden de moedersterfte aanzienlijk kunnen terugdringen. Echter, in veel gebieden ontbreken nog voldoende gegevens, waardoor het moeilijk is om de voortgang te monitoren en snel te reageren op nieuwe uitdagingen. Het is van groot belang dat inspanningen worden voortgezet om de moedersterfte wereldwijd verder te verminderen en alle landen te helpen de mondiale doelstelling te bereiken.





























































