De Amerikaanse aanvallen op Iran worden door de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken, Abbas Aragchi, beschouwd als oorlogsmisdaden. Hij beschuldigt de Verenigde Staten van het plegen van ernstige internationale misdaden en een flagrante schending van het Handvest van de Verenigde Naties en het internationaal recht. Aragchi benadrukt dat deze aanvallen in strijd zijn met de basisprincipes van het internationaal strafrecht, waaronder de Conventies van Genève van 1949.
Daarnaast veroordeelt Aragchi de Amerikaanse functionarissen voor hun ‘absurde retoriek en duivelse bedreigingen’. Hij stelt dat de vijandigheid van Washington gericht is tegen het Iraanse volk, dat vasthoudt aan hun onafhankelijkheid, wettelijke rechten en menselijke waardigheid. Aragchi waarschuwt dat degenen die verantwoordelijk zijn voor de aanvallen niet kunnen ontsnappen aan de juridische verantwoordelijkheid door te beweren dat ze op bevel van hun superieuren handelden.
De minister van Buitenlandse Zaken van Iran roept alle regeringen op om degenen die dergelijke misdaden begaan te vervolgen en te straffen. Hij benadrukt dat de Amerikaanse aanvallen op de vitale infrastructuur van Iran niet alleen een bedreiging vormen voor de nationale veiligheid, maar ook een schending zijn van het internationaal recht en de mensenrechten.
Aragchi’s verklaring op Telegram onderstreept de ernst van de situatie en benadrukt de noodzaak van internationale veroordeling van de Amerikaanse agressie tegen Iran. De beschuldigingen van oorlogsmisdaden werpen een schaduw over de betrekkingen tussen de twee landen en benadrukken de complexiteit van de geopolitieke situatie in het Midden-Oosten.





























































