Kunstmatige intelligentie wordt steeds vaker gezien als de zondebok voor problemen en fouten die zich voordoen in onze samenleving. Waar traditionele gereedschappen en objecten niet de schuld krijgen van de acties van de gebruiker, lijkt AI vaak wel als zondebok te fungeren. Maar is kunstmatige intelligentie werkelijk verantwoordelijk voor haar daden, of wordt het gebruikt als een handig excuus om menselijke verantwoordelijkheden te ontlopen?
Filosofisch gezien wordt morele verantwoordelijkheid alleen toegekend aan wezens met een vrije wil en bewustzijn. Objecten en gereedschappen hebben geen intentie of wil om schade te veroorzaken. Toch lijken we AI soms menselijke eigenschappen toe te schrijven en haar te behandelen als een actief subject dat beslissingen neemt. Dit kan leiden tot verwarring en het vervagen van de grenzen tussen gereedschap en actief onderwerp.
Een passender analogie voor kunstmatige intelligentie zou kunnen zijn met dieren, waarbij de eigenaar verantwoordelijk is voor het gedrag van het dier. Op dezelfde manier moeten de makers, ontwerpers en gebruikers van AI verantwoordelijk worden gehouden voor de acties en beslissingen van deze systemen. Het verschuiven van de verantwoordelijkheid naar AI als zondebok verhult de echte oorzaken van problemen, zoals ontwerpkeuzes, trainingsgegevens en financiële belangen.
Het beschuldigen van AI dient vaak als een manier om menselijke fouten, nalatigheid en ethische kwesties te vermijden. Maar uiteindelijk moet de verantwoordelijkheid liggen waar deze echt thuishoort: bij de mensen die de systemen creëren en gebruiken. Kunstmatige intelligentie is geen vijand of redder, maar een spiegel die onze keuzes, waarden en verantwoordelijkheden weerspiegelt. Het is aan ons om verantwoordelijkheid te nemen voor de impact en consequenties van onze technologische vooruitgang.



























































