Volgens de Wereldbank heeft de dubbele aardbeving die Venezuela een maand geleden trof, een schade van 19,6 miljard dollar veroorzaakt. Deze schatting, gepubliceerd door The New York Times, toont aan dat de helft van deze schade te wijten is aan woningen die zijn ingestort als gevolg van de aardbevingen met een kracht van 7,2 en 7,5 op de schaal van Richter.
De aardbevingen hebben voornamelijk schade toegebracht aan Caracas en de staat La Guaira, waar honderden gebouwen zijn ingestort en 5.398 mensen het leven hebben verloren. De Wereldbank schat dat 47% van de schade betrekking heeft op woningen, 27% op infrastructuur en 26% op niet-residentiële gebouwen, zoals commerciële of industriële panden.
De vice-president van de Wereldbank voor Latijns-Amerika en het Caribisch gebied, Susana Cordeiro Guerra, benadrukt het belang van een objectieve basis voor de Venezolaanse regering en haar partners om zich voor te bereiden op de wederopbouw. De sociaal-economische impact van de aardbevingen zal afhangen van het tempo van de wederopbouw en de steun die het land ontvangt van zijn partners.
Om de wederopbouw te financieren, zullen middelen moeten worden heroriënteerd vanuit andere investeringsprojecten, aangezien het huidige niveau van particuliere en publieke investeringen niet voldoende zal zijn. De interim-president van Venezuela, Delsy Rodriguez, heeft beloofd dit jaar 4.000 huizen beschikbaar te stellen aan slachtoffers van de aardbeving, en 10.000 tegen 2027.
Het Internationale Monetaire Fonds heeft al 346 miljoen dollar vrijgemaakt voor humanitaire hulp, het opruimen van puin en de eerste wederopbouwinspanningen. De steun van internationale organisaties zal cruciaal zijn bij de heropbouw van Venezuela na deze verwoestende aardbevingen.





























































