Ankara heeft sterk gereageerd op de benoeming van Raffaele Fito als speciale vertegenwoordiger van de EU voor de kwestie-Cyprus. De aankondiging van deze benoeming komt op een moment dat er gesprekken gaande zijn over het bijeenroepen van een nieuwe Multilaterale Conferentie om de besprekingen over de kern van de kwestie-Cyprus te hervatten.
Het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken, vertegenwoordigd door Onju Ketseli, heeft de benoeming van Fito en de betrokkenheid van de EU in de kwestie-Cyprus snel afgewezen. Daarbij heeft het ministerie een extreem standpunt ingenomen over de ‘tweestatenoplossing’ in de kwestie-Cyprus. De verklaring van het ministerie benadrukt dat de EU haar neutraliteit in de Cypriotische context heeft verloren door de Grieks-Cypriotische kant als lid te accepteren, ondanks de afwijzing van het VN-nederzettingsplan in 2004.
Het ministerie van Buitenlandse Zaken van Turkije heeft ook gewezen op de voortdurend bevooroordeelde benadering van de EU-instellingen, met name het Europees Parlement, met betrekking tot de kwestie-Cyprus. Ankara verwacht dat Fito zal proberen deze bevooroordeelde houding te veranderen en erkent dat een oplossing voor de kwestie-Cyprus alleen mogelijk is door onderhandelingen tussen twee gelijkwaardige soevereine staten, gebaseerd op de realiteit op het eiland.
De reactie van Ankara op de benoeming van Fito laat zien dat de kwestie-Cyprus nog steeds een gevoelig en complex onderwerp is, waarbij verschillende partijen hun eigen standpunten en belangen verdedigen. Het is duidelijk dat er nog veel werk aan de winkel is om tot een duurzame oplossing te komen die alle betrokken partijen tevreden stelt. Het is afwachten hoe de situatie zich verder zal ontwikkelen en of er ruimte is voor dialoog en compromissen om tot een oplossing te komen die recht doet aan alle partijen.






























































