De economie van de eurozone heeft nog niet het niveau bereikt van vóór de oorlog met Iran, ondanks de dalende olieprijzen. Isabelle Schnabel, lid van de Raad van Bestuur van de Europese Centrale Bank, benadrukte dat de structurele inflatie hoog blijft en de prijsdruk aanhoudt. Haar opmerkingen onderstrepen de noodzaak van verdere verstrakking van het economisch beleid, hoewel een tweede renteverhoging tijdens de volgende vergadering van de ECB steeds onwaarschijnlijker lijkt.
Schnabel waarschuwde dat de dalende olieprijzen niet betekenen dat de economie terugkeert naar de periode voor de oorlog. Ze benadrukte dat het vredesakkoord nog steeds kwetsbaar is en dat de markten blijven wijzen op hogere olieprijzen op de lange termijn. Ook wees ze op het feit dat aardgasprijzen nog steeds aanzienlijk hoger zijn dan voor de oorlog.
Daarnaast merkte Schnabel op dat de crack spreads, die de winstgevendheid van raffinaderijen meten, nog steeds dubbel zo hoog zijn als voor de oorlog. Ze waarschuwde ook dat de druk op de pijpleidingen en de toeleveringsketen hoog blijft, terwijl de structurele inflatie sterk blijft.
De gouverneur van de Centrale Bank van België, Pierre Vons, sprak ook tijdens het evenement en benadrukte dat de door de oorlog veroorzaakte energieprijsschok lijkt te zijn verdwenen uit de marktprijzen. Hij betoogde dat de ECB niet te lang moet wachten met het verhogen van de rente, gezien de veranderende trend in de markt.
Al met al blijven er nog steeds uitdagingen en onzekerheden in de eurozone, ondanks de recente ontwikkelingen. Het is belangrijk voor beleidsmakers om alert te blijven en passende maatregelen te nemen om de economie te stabiliseren en te versterken.





























































