Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft recentelijk geoordeeld dat het verzamelen van biometrische gegevens, zoals vingerafdrukken en foto’s, alleen gerechtvaardigd is in geval van absolute noodzaak. Dit betekent dat het bestaan van redelijke vermoedens van een strafbaar feit niet voldoende is om de inning van deze gegevens te rechtvaardigen. De uitspraak van het Hof kwam voort uit een zaak in Parijs, waar een verdachte werd veroordeeld voor het weigeren van het afstaan van zijn biometrische gegevens, ondanks dat hij uiteindelijk werd vrijgesproken van het strafbare feit waarvan hij werd verdacht.
De rechtbank verduidelijkte dat biometrische gegevens gevoelige persoonsgegevens zijn die een betere bescherming vereisen volgens het Unierecht. Het verzamelen van deze gegevens moet alleen plaatsvinden als er een absolute noodzaak voor bestaat en er passende waarborgen zijn voor de rechten en vrijheden van de betrokkene. Het Hof benadrukte dat een duidelijke rechtvaardiging vereist is voor het verzamelen van biometrische gegevens, zodat de betrokken partij de redenen kan begrijpen en zijn recht om deze aan te vechten kan uitoefenen.
Daarnaast stelde het Hof dat een nationale regeling die de systematische verzameling van biometrische gegevens mogelijk maakt zonder de absolute noodzaak van geval tot geval te beoordelen, in strijd is met het recht van de Unie. Het nationale recht moet daarom de specifieke doeleinden van de verzameling specificeren. Wat betreft de wettigheid van sancties voor het weigeren van het afstaan van biometrische gegevens, hangt dit af van de vraag of de verzameling aan de voorwaarde van absolute noodzaak voldoet en in overeenstemming is met het evenredigheidsbeginsel zoals vastgelegd in het Handvest van de Europese Unie.
Al met al heeft het Hof van Justitie van de EU duidelijke richtlijnen gegeven voor het verzamelen van biometrische gegevens in het kader van strafrechtelijke onderzoeken, waarbij de privacy en rechten van individuen worden beschermd en alleen in geval van absolute noodzaak mogen worden ingezameld. Het is een belangrijke stap in het waarborgen van de bescherming van persoonsgegevens binnen de Europese Unie.



























































