De tweede oorlog van Iran lijkt zich voornamelijk in eigen land af te spelen, met interne strijd tussen verschillende facties en groepen die elk hun eigen agenda nastreven. Na de dood van Opperste Leider Ali Khamenei was er speculatie dat zijn zoon Mojtaba zijn plaats zou innemen en dat de Islamitische Revolutionaire Garde de werkelijke macht zou grijpen, waardoor Iran zou veranderen in een militaire dictatuur.
De recente gebeurtenissen, zoals de opening en sluiting van de Straat van Hormuz door de Revolutionaire Garde, tonen aan dat Iran zich in een transformatieproces bevindt waarbij verschillende partijen met elkaar botsen. De verdeeldheid binnen het regime is duidelijk zichtbaar, met hoofdonderhandelaar Mohammad Bagher Ghalibaf die pleit voor diplomatieke contacten met de Verenigde Staten, terwijl de commandant van de Revolutionaire Garde, Ahmad Vahidi, en andere functionarissen zich verzetten tegen onderhandelingen.
De rol van Mojtaba Khamenei als nieuwe Opperste Leider lijkt niet dezelfde faciliterende rol te spelen als zijn vader, waardoor de spanningen binnen het regime toenemen. Analisten suggereren dat Vahidi momenteel de overhand heeft over Ghalibaf, aangezien hij directe toegang heeft tot de opperste leider en een belangrijke rol speelt bij het doorgeven van beslissingen aan andere regimefunctionarissen.
Ghalibaf lijkt mogelijk te proberen zijn positie en geloofwaardigheid te beschermen door deel te nemen aan onderhandelingen, terwijl hij vreest dat de Revolutionaire Garde zijn controle over het land zal consolideren. De uitkomst van deze interne strijd zal waarschijnlijk bepalend zijn voor de toekomst van Iran en de koers van het land in de internationale politiek.






























































