CT-scans van een tientallen jaren oud exemplaar uit het Yale Peabody Museum of Natural History hebben een nieuwe soort krokodil onthuld met een korte snuit en ongewoon krachtige kaken. Deze ontdekking biedt een zeldzame inkijk in ecologische specialisatie in de late Trias. De soort, genaamd Eosphorosuchus lacrimosa, leefde ongeveer 210 miljoen jaar geleden in de buurt van rivieren en meren in wat nu New Mexico in de Verenigde Staten is. Het was een snel roofdier met grote achterpoten en kleinere, dunnere voorpoten. Eosphorosuchus lacrimosa had ook een korte snuit, een sterk versterkte schedel en ontwikkelde kaakspieren, ideaal voor het krachtig bijten van grote prooien.
Volgens Dr. Bart Bullard, een paleontoloog aan de Yale University en het Yale Peabody Museum, toont deze ontdekking de diversificatie van vroege krokodilachtigen aan het begin van het tijdperk van de reptielen. Tijdens het late Trias waren er twee grote ‘dynastieën’ van reptielen die strijden om dominantie: aan de ene kant de lijn die leidde naar krokodillen en alligators en aan de andere kant de lijn die leidde naar vogels, wat dinosaurussen zijn. Dinosaurussen waren destijds slanke, lichte dieren die zich op twee poten bewogen, terwijl de voorouders van krokodillen snelle, vierpotige roofdieren waren, kort en robuuster, vergelijkbaar met jakhalzen of grote honden.
Het kernfossiel van Eosphorosuchus lacrimosa omvat delen van de schedel, onderkaak, wervels, ledematen en pantserelementen. Het werd in 1948 opgegraven op Ghost Ranch in New Mexico en is al ongeveer 75 jaar bekend bij de wetenschap, maar is nooit volledig bestudeerd of geïdentificeerd. De fylogenetische analyse van de onderzoekers plaatst Eosphorosuchus lacrimosa nabij de basis van de crocodylian evolutionaire lijn, buiten een groep die de verwante soort Hesperosuchus agilis omvat. Dit toont aan dat de bijzondere kenmerken van Eosphorosuchus lacrimosa al heel vroeg in de evolutie van deze groep naar voren kwamen.
Het is ook veelbetekenend dat de fossielen van Eosphorosuchus lacrimosa samen met die van Hesperosuchus agilis werden gevonden. Het naast elkaar bestaan van deze twee vormen suggereert dat zelfs vroege krokodilachtigen al ecologische “niches” begonnen te delen, gespecialiseerd in verschillende voedingsgewoonten. Miranda Margulis Onuma, een PhD-student bij Yale, benadrukt dat de ontdekking van Eosphorosuchus lacrimosa belangrijk is omdat het een beeld biedt van een oud ecosysteem met een rijke biodiversiteit, waar verwante soorten hun rol al hadden gediversifieerd door gespecialiseerde voedingsaanpassingen te ontwikkelen. Deze ontdekking benadrukt ook het belang van museumcollecties, omdat ze nog steeds nieuwe aanwijzingen over de geschiedenis van het leven kunnen onthullen.





























































