De Europese Unie bereidt zich voor om haar inspanningen op te voeren om haar economische afhankelijkheid van China te verminderen en de Europese industrieën te beschermen tegen een toestroom van goedkope importen. Volgens nieuwe voorstellen die door de Europese Commissie worden opgesteld en naar verwachting volgende maand door de EU-leiders zullen worden besproken, zullen ambtenaren van het directoraat-generaal Handel van de Commissie een “agressiever en effectiever handelsbeschermingsbeleid” tegen Peking formuleren. Dit beleid is gericht op het tegengaan van de overproductie van Chinese goederen die tegen lage prijzen naar de Europese markt worden gesluisd.
Een van de opties die worden overwogen is de uitbreiding van zogenaamde ‘verzekeringsonderzoeken’ naar andere sectoren van de economie. Hiermee zal de EU beoordelen of importen schadelijk zijn voor de binnenlandse productie en of er quota of tarieven moeten worden opgelegd. Soortgelijke maatregelen zijn in het verleden toegepast op staal en ferrolegeringen, maar kunnen nu worden uitgebreid naar andere sectoren.
Tegelijkertijd wordt de versnelling van een nieuw ‘overproductie-instrument’ gepromoot, dat zich zal richten op door de Chinese staat gesubsidieerde bedrijven die enorme hoeveelheden producten produceren in strategische sectoren, waardoor omstandigheden van oneerlijke concurrentie voor Europese bedrijven worden gecreëerd. Deze maatregel wordt echter als juridisch controversieel beschouwd, omdat deze in strijd kan zijn met de regels van de Wereldhandelsorganisatie, die in het algemeen discriminatie van specifieke landen verbieden.
Volgens Europese functionarissen zullen de voorstellen eerst worden besproken tijdens een oriëntatiebijeenkomst van de Europese Commissie op 29 mei. Van de EU-leiders wordt vervolgens verwacht dat zij de kwestie van de Chinese beperkingen op de export van kritieke grondstoffen ter sprake zullen brengen tijdens de top van de Groep van Zeven in Frankrijk op 15 juni. Vervolgens zal de kwestie ook aan de orde worden gesteld tijdens de Europese Raad op 18 juni in Brussel, waar bredere kwesties als concurrentievermogen en strategische autonomie van de Unie zullen worden besproken in de huidige geo-economische omgeving.
In Brussel groeit de bezorgdheid over de de-industrialisering van Europa nu sectoren als de chemie, de auto en de productiesector beginnen te lijden onder de concurrentie van goedkope Chinese goederen. Het handelstekort van de EU met China heeft historische hoogtepunten bereikt, namelijk meer dan 359 miljard euro.
Tegelijkertijd beïnvloeden de politieke evenwichten binnen de EU de houding tegenover Peking. Sommige lidstaten lijken meer op hun hoede voor een harde lijn, terwijl andere voorstander zijn van nauwere betrekkingen met China, waardoor het lastig wordt een gezamenlijke strategie te formuleren. Ondanks interne meningsverschillen onderneemt de Europese Commissie al een aantal initiatieven om de afhankelijkheid van Chinese technologie en investeringen te verminderen, terwijl strengere regels voor kritieke infrastructuur en digitale veiligheid worden overwogen. Om de handelskloof effectief te dichten zal de EU echter, zoals opgemerkt, aanvullende handelsbevoegdheden moeten verwerven die haar in staat zullen stellen de stroom van Chinese goederen naar de interne markt effectiever te controleren. Met informatie van Politico.





























































