Teheran zal normaal gesproken vergoedingen blijven innen voor de diensten die het levert in de Straat van Hormuz, zo vertelde de vertegenwoordiger van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken, Esmail Bagaei, aan persbureau Fars. Dit nieuws komt naar voren terwijl gesprekken over een vredesakkoord gaande zijn, waarbij de vrijgave van bevroren Iraanse activa als integraal onderdeel wordt beschouwd. Baghaei benadrukte ook de noodzaak voor het beëindigen van de aanwezigheid van buitenlandse troepen en militaire bases in de regio als voorwaarde voor het akkoord.
Met betrekking tot de timing van het vredesakkoord liet de Iraanse functionaris weten dat de ondertekening van het Islamabad Memorandum niet op korte termijn wordt verwacht. Hij waarschuwde tegen het maken van voorbarige voorspellingen over de exacte datum, maar sloot niet uit dat de overeenkomst binnen enkele dagen kan worden afgerond. Het Iraanse onderhandelingsteam heeft geen plannen om de komende dagen Genève of een andere bestemming te bezoeken, aldus Baghaei.
Het innen van vergoedingen voor de diensten die Iran aanbiedt in de Straat van Hormuz blijft dus een belangrijk onderdeel van het beleid van Teheran. Dit komt te midden van toenaderingen tot vredesbesprekingen en het streven naar een akkoord dat de belangen van Iran en de regio dient. Het is duidelijk dat Iran vastbesloten is om zijn positie te handhaven en de nodige stappen te ondernemen om zijn belangen te beschermen en te waarborgen. Het is nu afwachten hoe de situatie zich verder zal ontwikkelen en of er daadwerkelijk vooruitgang geboekt kan worden richting vrede en stabiliteit in de regio.





























































