Channa (89) was één van de driehonderd onderduikers op de Jodenboerderij in de Haarlemmermeer tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op deze boerderij vonden zeventig Joodse mensen tegelijkertijd een veilig onderkomen, soms voor korte tijd en soms voor maanden. Het verhaal van deze bijzondere plek wordt verteld in het tweeluik van het programma Andere Tijden, genaamd De kinderen van de Jodenboerderij.
De familie Bogaard, die de Jodenboerderij runde, zag het opvangen van Joden als hun Christenplicht. Ondanks de beperkte ruimte op de boerderij wisten zij een groot aantal mensen te verbergen voor de Duitse bezetters. De onderduikers werkten zelfs openlijk mee op het land, maar uiteindelijk kwam er toch een einde aan deze veilige haven.
Eén van de nog levende onderduikers, Channa Walvisch, vertelt over haar ervaring op de Jodenboerderij. Ondanks het heimwee naar huis, ontving ze daar zoveel liefde van de Bogaards en de andere onderduikers. Ook nabestaanden van de familie en dorpsgenoten uit Nieuw-Vennep delen hun herinneringen aan die tijd.
Het tweede deel van het verhaal belicht de moeilijkheden die ontstonden na een huiszoeking door Nederlandse agenten. Hoe kon het zo lang goed gaan op de boerderij? Brachten de goede bedoelingen van de familie Bogaard de onderduikers uiteindelijk in gevaar? Deze vragen worden beantwoord in het fascinerende tweede deel van het programma.
De verhalen van Channa, Chella en de andere onderduikers tonen de puurste vormen van liefde en moed die in tijden van oorlog naar boven komen. Het is belangrijk om deze verhalen te blijven vertellen en herdenken, zodat we niet vergeten wat er in die donkere periode is gebeurd.




























































