Demonstranten in de Democratische Republiek Congo hebben tenten van ebolapatiënten in brand gestoken in de stad Rubara in de provincie Ituri. Dit gebeurde nadat de autoriteiten weigerden het lichaam van een jonge man, die vermoedelijk aan de infectieziekte was overleden, aan hen over te dragen voor een begrafenis. Het incident vond plaats in een stad die al zwaar getroffen is door de Ebola-epidemie, wat de moeilijkheden benadrukt waarmee de autoriteiten in DR Congo worden geconfronteerd bij het handhaven van veilige begrafenissen van vermoedelijke of bevestigde Ebola-gevallen.
De VN heeft aangekondigd dat ze ongeveer 60 miljoen dollar zullen vrijmaken uit een noodfonds ter ondersteuning van de inspanningen om de Ebola-uitbraak in te dammen. Tom Fletcher benadrukte het belang van preventie van de Ebola-epidemie in moeilijke gebieden waar conflicten en grote bevolkingsverhuizingen plaatsvinden.
Deskundigen schatten dat de Bundibugyo-soort van het Ebola-virus al ongeveer twee maanden circuleerde in de provincie Ituri voordat het werd geïdentificeerd. Tot nu toe worden 160 sterfgevallen in verband gebracht met de uitbraak, met 670 vermoedelijke gevallen die zijn geregistreerd.
In Rubara weigerde de familie van de overleden voetballer Eli Munongo de autoriteiten toe te staan hem veilig te begraven, omdat ze niet geloven dat hij aan Ebola stierf. Zijn lichaam werd achtergehouden omdat artsen monsters hebben genomen om tests uit te voeren, aangezien zijn moeder beweert dat hij stierf aan buiktyfus.
Het incident van de brandende tenten en het conflict rond de begrafenis van Eli Munongo benadrukken de complexe situatie waarin DR Congo zich bevindt bij het beheersen van de Ebola-epidemie en het belang van veilige begrafenissen om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. De VN zal extra personeel inzetten om de inspanningen te ondersteunen en verdere verspreiding van het virus tegen te gaan.





























































